Terug naar Ecclesianet.nl

Opmerkelijk

OPMERKELIJK

Adriaan Schuurman overleden

Tot hen die in deze eeuw voor de nederlandse kerkmuziek van grote betekenis en invloed zijn geweest, behoort Adriaan Cornelis Schuurman, die 24 augustus 1998 kort na zijn 94e verjaardag is overleden.

In de tijd die ik in het seminarium doorbracht, leerde ik hem kennen als een erudiet en enthousiast musicus, die er alles aan deed zijn liefde voor het kerklied

en de kerkzang op de aanstaande predikanten over te dragen. Hij werd geboren als zoon van een Gereformeerd predikant, ds. Martinus Schuurman, die door zijn vader bestemd was om opvolger te zijn in diens leerlooierij. Maar de wens van Martinus was om predikant te worden en hij overwon 4e aanvankelijke tegenstand van zijn vader, toen hij als jongen van 14 jaar zei: "Vader, als maar één mens door mijn woord gewonnen wordt voor de Heere Jezus, dan is dat toch meer waard dan heel uw looierij!" Het ja-woord van vader Schuurman in 1873 heeft vérstrekkende gevolgen gehad! Als predikant stond Martinus Schuurman bekend om zijn oratorische gaven en zijn woorden hadden "een bijzondere zalving, straalden blijmoedigheid en vertrouwen uit, zowel op de kansel als aan de ziekbedden".

Nu, de muzikale zoon, geboren in een Kamper pastorie, had daar ook iets van, straalde ook blijmoedigheid uit en wist welsprekend zijn inzichten uit te dragen. Zijn loopbaan voerde hem achtereenvolgens naar Schiedam, waar hij organist van de Grote of St. Janskerk werd, naar Lochem, naar Amersfoort (Grote of St. Joriskerk) en in 1949 naar 's-Gravenhage, waar hij benoemd was tot cantor-organist van de toen nieuwe Maranathakerk en waar hij 17 jaar lang heel nauw samenwerkte met dr. W. Aalders.

In de totstandkoming van de Hervormde Bundel (1938) had hij een aandeel door het componeren van een viertal melodieën. Het gold twee liederen van Vondel, één van Revius en één van Thomas van Aquino. Dit laatste lied (Gezang 250), vanuit het Latijn in het Nederlands vertaald, werd overigens door de Algemene Synode van de Hervormde Kerk naderhand geschrapt, omdat de inhoud (de aanbidding van de eucharistische Christus) wel rooms maar niet protestants is. Schuurmans melodie past echter geheel bij de innige toon van dit lied, en dat geldt ook voor de drie andere liederen (Wie is het die zo hoog gezeten, d'Almachtig' is mijn Herder en Geleide, In 't Oosten klaar laat blozen) die hij van een melodie voorzag. Alle vier liederen met hun Schuurmanse melodie, keerden terug in het Liedboek (ook het lied van de grootmeester der scholastiek Thomas, Gezang 352!), waarvoor hij bovendien nog 15 nieuwe melodieën componeerde, o.a. voor het mooie lied van Dietrich Bonhoeffer, Door goede machten trouw en stil omgeven (Gezang 398).

Schuurman, werkzaam als componist, dirigent, docent aan de conservatoria van 's-Gravenhage en Rotterdam, trok ook de aandacht van de overheid en kreeg meerdere keren een opdracht tot composities van het ministerie van C.R.M.

Het overzien van Schuurmans opmerkelijke levensweg kan dankbaar stemmen dat mensen bereid zijn zichzelf met hun kunstzinnige talenten in dienst van de Kerk, in dienst van Christus te stellen. Het roept ook de vraag op in hoeverre daar in de Kerk der Reformatie ruimte voor is. "Want een kunstenaar, een musicus vraagt meer en steeds opnieuw vrijheid, expansie, ruimte in de liturgie dan in harmonie met de Woordbediening en de sacramenten in evenwichtigheid mogelijk is", aldus zijn voormalige Haagse wijk-predikant en oud redacteur van Ecclesia.