Terug naar Ecclesianet.nl

Het profiel van de predikant

Ds.L.J.Geluk, Rotterdam 

Wanneer een predikant een beroep naar een andere gemeente heeft aangenomen of met emeritaat is gegaan of zal gaan, komt de kerkenraad in actie om in de vacature te voorzien. Er is een heel lijstje met voorschriften waaraan moet worden voldaan voordat een beroep mag worden uitgebracht. Een belangrijk vereiste is dat de gemeente in staat wordt geacht gedurende langere tijd het traktement dat aan de predikantsplaats verbonden is, ook op te brengen. Dit wordt steeds moeilijker, zodat keer op keer predikantsplaatsen worden opgeheven, samengevoegd of van “volledig“ “deeltijds “ worden. Het laat zich aanzien dat deze negatieve ontwikkeling zich in snel tempo zal voortzetten. Een gemeente ziet haar predikant vertrekken - hoe stelt zij zich zijn of haar opvolger voor? Er is genoeg informatie om deze vraag te beantwoorden. In de drie kerken die samen de PKN vormen, was het al jaren geleden gebruikelijk geworden een advertentie te plaatsen en sollicitanten op te roepen.Toen dit begon,was dat een heel nieuw verschijnsel dat al spoedig is ingeburgerd in die delen van de kerk die als vrijzinnig gelden of - naar de karakteristiek van dr.H.Berkhof destijds - bekend staan als middenorthodox. Ter rechterzijde is het zoeken van een predikant per advertentie nagenoeg onbekend. Uit de advertenties blijkt welk profiel de vacante gemeenten voor ogen staat. Deze verschijnen soms in een dagblad, ook wel in “Woord en Dienst “ en de meeste in het officiële orgaan van de PKN “Kerkinformatie “.
   Welnu, de gewenste predikant moet “inspirerend “ zijn, vooral in de erediensten,de “vieringen“ en in het pastoraat. Dit vereiste voor de gezochte kandidaat ontbreekt niet dikwijls in de advertentie. Als hij/zij “creatief “ is en kan “stimuleren “, is dit ook zeer welkom. Eveneens dat hij/zij goed kan samenwerken met anderen, het evangelie weet te vertalen op eigentijdse wijze, vrijwilligers ondersteunt, een goede pastor is, kan luisteren, kan samenbinden, volgens het beleidsplan zich wil inzetten, aandacht heeft voor de jeugd.
   Nu zijn dit bepaald geen verkeerde eigenschappen, maar er is een aantal zaken dat nooit wordt genoemd en dat blijkbaar van geen belang wordt geacht. Ik noem er enkele. Dat men uitziet naar een predikant die het karakter van deze tijd verstaat, las ik niet één keer. Evenmin dat bij het profiel behoort dat een predikant blijft studeren. Ook niet dat men verwacht dat hij op zijn tijd weet stil te zijn. Een deel van de activiteiten wordt opgesomd, andere laten zich verwachten. Men zoekt een “doemens “. Maar stil zijn? Zich bezinnen? Een mens van gebed? Die weet van Gods verborgen omgang? Eerbiedig de Schriften onderzoekt? Ik heb het niet gelezen. Het is doorgaans één en al actief zijn wat uit de advertenties druipt. Zou bij het profiel horen dat gemeente en voorganger leven en bezig zijn binnen het raam van de kerkelijke belijdenis? Zelden komt dit naar voren. Een weldadige uitzondering is het een keer te lezen dat de eventuele sollicitant zich realiseert dat wijkgemeente X te Y “staat in de traditie van het gereformeerd belijden “. Daar zoekt men ook iemand die “een levend persoonlijk geloof “ heeft. Het is de enige keer dat ik dit in enkele tientallen advertenties tegenkwam. Dat is dan ook wel het meest trieste in die oproepen, dat dit aspect gewoon ontbreekt: dat de predikant uit een levend persoonlijk geloof leeft, alsof dit niet het allervoornaamste is en als eerste genoemd zou moeten worden. Is dit van geen belang? Is dit vanzelfsprekend voor een predikant? Men kan uit de preek en gesprekken van velen horen,uit het beleid aflezen, uit de wijkbladen en publicaties vernemen hoe het met het geloof van velen is gesteld!
   Een tegenstander van Adolf Hitler van het eerste uur was de Duitse edelman uit Pommeren Ewald von KleistSchmenzin. Hij heeft zijn verzet met zijn leven moeten betalen. Als verklaring voor de snelle opgang die Hitler maakte en het meedoen van bijna allen zei hij eens verachtelijk: “Dom als een intellectueel, zonder geloof als een predikant, eerloos en laf als een generaal “. Christian Graf von Krockow vertelt dit in zijn lezenswaardige boek Einspruch gegen den Zeitgeist. Nog scherper zei Von Kleist ook: “gottlos wie ein protestantser Pfaffe “. Het is kras gezegd, maar wanneer eens als álle Duitse predikanten gelovig, fier en moedig tegen het hele Hitlerdom “neen “zouden hebben gezegd en gedaan? “Zonder geloof als een predikant “, eventueel nog wel geloof aan God als een idee, maar geen geloof in God als Iemand, de eerste realiteit,de God van de Bijbel,de God die Zich in Zijn Zoon Jezus Christus laat kennen,de God die de Kerk der eeuwen belijdt -zou hier niet één van de voornaamste oorzaken liggen van het verval van de gemeenten en heel het kerkelijk “bedrijf"?