Terug naar Ecclesianet.nl

Bijbel op maat

 

Ds. Geluk, Rotterdam

 

Aan drie vereisten moest de nieuwe vertaling van de Bijbel

voldoen:

- overal waar maar enigszins mogelijk zouden de vrouwen uitdrukkelijk genoemd moeten worden;

- het gesprek met het Jodendom zou door deze vertaling bevorderd moeten worden; en

- de sociale structuren zouden helder en klaar verwoord

dienen te worden.

Zo gingen in 2001 de 40 vertaalsters en de 12 vertalers uit Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland aan de slag. In 2006 was hun werk gereed en verscheen de nieuwe vertaling: Bibel in gerechter Sprache.

Steeds hadden zij het vertrekpunt en het doel voor ogen: de feministische theologie, de bevrijdingstheologie en de joods-christelijke dialoog. De resultaten zijn er naar!

De Duitse taal was hun gunstiger gezind dan de Nederlandse dat geweest zou zijn. De Farizeeërs werden weergegeven door “Pharisäerinnen und Pharisäern”, de discipelen door “Jüngerinnen und Jüngern”, de apostelen door “Apostelinnen und Apostel”. Het optreden van Jezus was soms te radicaal. Verzachting van zijn uitspraken kan het gesprek met Israël ten goede komen. In de Bergrede verving men daarom “Maar Ik zeg u” door: “Ik leg u dit nu zó uit”. De heilige en onuitsprekelijke Godsnaam in het Oude Testament, in het Hebreeuws bestaande uit de letters JHWH oest worden weergegeven. De allereerste vertaling van het Oude Testament (de Septuaginta) heeft daarvoor het Griekse “Kurios” gekozen en in navolging vinden wij dit woord in het Nieuwe Testament en in Europese talen als: le Seigneur, the Lord, der Herr, de Heere, Herre.

Maar voor de 40 vertalende dames en 12 vertalende heren was dit veel te mannelijk, ontleend aan de patriarchale machtstaal. In plaats daarvan is gekomen: de Levende, de Eeuwige, Schechina, Hij/Zij, God en nog meer andere aanduidingen. Weer kwam de Duitse taal de feministen te hulp, want door het lidwoord kan men meer nuanceren dan in het Nederlands. Daarvan heeft men graag gebruik gemaakt: de Levende is in het Duits: “der” en “die” Lebendige, de Eeuwige: “der” en “die” Ewige.

Er waren soms ook er erg moeilijke teksten, die toch ook aan het gestelde doel moesten beantwoorden. Dus: aangepast aan de heersende ideologie. Wat moest men bijvoorbeeld met Romeinen 8:15? Tussen haakjes: het is heel opmerkelijk dat hier de Statenvertalers het woord “zoon” en het woord “zoonschap” zoals dat in de NBGvertaling van 1951 is weergegeven, hebben overgezet met “kind” en “aanneming tot kinderen”. De vertaling van 2004 is hen daarin gevolgd. Voor “zonen” (NBG 1951) en “kinderen” (St. Vert.), naar het Griekse woord huioi, koos men voor de Bibel in gerechter Sprache: dochters en zonen.

De apostel Paulus schrijft dat de kinderen van God, geleid door de Geest, roepen: “Abba, Vader”. Dat konden de 52 vertaalsters en vertalers zo niet overnemen. Maar men was vindingrijk. “Geest” was al “Geestkracht” (“Geistkraft”) en in gedachten zie ik een van de dames glunderen wanneer ze haar vondst bekend maakt: kunnen we dit niet zó vertalen: “U hebt een geestkracht ontvangen, die u tot dochters en zonen van God maakt. Door haar kunnen wij tot God roepen: “U, oorsprong van alle leven, wees onze bescherming”. Ja, dat was het! En zo is het nu te lezen: “Du Ursprung allen Lebens, sei unser Schütz!”

Maar er waren nog meer moeilijkheden te overwinnen. Hoe moest men het gebed, dat de wereld omspant, ‘behandelen’. Dat begint immers met: “Onze Vader, die in de hemelen zijt”. Ook dat bleek oplosbaar. Het is geworden: “God, U bent voor ons vader en moeder in de hemel”. Knap gevonden, niet waar? Maar het doopbevel? Dat spreekt van dopen “in de Naam des Vaders …”? Geen tekst was voor deze dames en heren heilig, laat staan te heilig. Met ideologische drift deden ze hun werk. Men leest nu aan het slot van Mattheüs 28: “Doopt hen in in de naam van God, vader en moeder voor allen, van de Zoon en van de heilige geestkracht”!

Zo kwam een werk tot stand, dat door vele theologen en vooral “theologinnen” en kerkelijke leiders, vooral “bisschoppinnen” zeer wordt geprezen en aangeprezen. Men staat perplex dat “wetenschappers”, zonder enige eerbied, zó aan de Bijbeltekst hebben durven sleutelen om er een boek naar eigen snit van te maken. Op de achtergrond staat een filosofie, die stelt dat men niet zo zeer moet vertalen wat er in een oude tekst staat, maar dat men moest verdisconteren wat zo’n oude tekst oproept bij de lezer nú.

Gelukkig is er ook weerstand tegen deze vervalsing, die meer de tijdgeest weergeeft dan wat ooit geschreven werd als wet en profeten, door evangelisten en apostelen. De Evangelische bisschop van Württemberg, Frank Otfried July, heeft deze “bijbel” voor de eredienst in zijn gebied verboden. Dominee Ulrich Rüsz, o.a. voorzitter van de “Konferenz Bekennender Gemeinschaften” is helder in zijn oordeel. Hij spreekt van “vertegenwoordigers van de links-feministische theologie en ideologie en politieke correctheid” die zich een “eigen bijbel” hebben gemaakt. God wordt vervrouwelijkt en het “Gij” een onpersoonlijk “Het”. Hij merkt op dat het er nog maar aan ontbreekt dat men van Jesu Christa spreekt en vindt deze vertaling wetenschappelijk niet serieus, en tégen de Bijbel en tégen de belijdenis. Overigens kon prof. Reinhard Slenczka, die scherp over en tegen deze “bijbel” schreef, zijn artikel nergens geplaatst krijgen. Prof. Axel von Campenhausen stelt dat de grens van de dweepzucht overschreden is. Ook andere kritische stemmen zijn gehoord.

De Bibel in gerechter Sprache heeft meer van onrecht dan van recht. Zo gaat het wanneer men zich leiden laat door de geestkracht van een verkokerde ideologie.