Terug naar Ecclesianet.nl

Gemeentelijk leven in Elberfeld (II)

T. van Es, Ecclesia nr. 20, september 2002

De Heilige Sacramenten
De bediening van de Heilige Doop vindt op zondag na de ochtenddienst voor de hele gemeente plaats. De predikant stelt op de voorafgaande zondag de gemeente daarvan in kennis. Er is geen regelmaat in de vaststelling van de dagen. De plechtige handeling wordt naar de behoefte gehouden, meestal als er 5-10 kinderen geboren zijn. De orde van dienst is niet afwijkend, maar de predikant neemt de Doop tot onderwerp van zijn preek. De dopelingen worden tijdens het zingen na het einde van de preek in de kerk gebracht. De ouders horen de voorlezing van het doopsformulier staande aan. Hierna brengen zij hun kind tot naast de predikant, waar zij de naam van het kind bevestigen als de predikant deze noemt. Het slotgebed uit het formulier wordt gelezen, daarna volgen gezang en de zegen.
De gemeente viert het Heilig Avondmaal viermaal in een jaar en wel op de eerste dag van de drie hoofdfeesten Pasen, Pinksteren, Kerstfeest en op een zondag in oktober. Men wordt op twee voorafgaande zondagen door de predikant hiertoe genodigd. De laatste preek voorafgaande aan de avondmaalszondag wordt aan de herinnering aan het komende feest gewijd. De gemeente komt 's morgens op de dag van de bediening op het normale aanvangsuur bijeen. Na een gezang, gebed en de voorlezing van een Schriftgedeelte wordt het avondmaalsformulier gelezen, hetgeen door de gemeente wordt meegelezen. Tijdens het volgende gezang maakt de predikant de tafel gereed, geholpen door een van de ouderlingen, en hij nodigt de gemeente met de woorden van Spreuken 9: 1-4 om toe te treden. Telkens nemen 32 gemeenteleden aan weerszijden van de tafel plaats. Zij, die direct aan weerszijden van de predikant gezeten zijn, ontvangen de schotel met brood en de beker met wijn uit zijn hand en geven deze na gebruik aan de volgende gasten.
Tijdens de rondgang spreekt de predikant een vrij woord of verklaart een passend gedeelte uit de Heilige Schrift. De pauzes tussen twee tafels worden gevuld met het zingen van een Psalm of een Gezang. Na de lezing van het dankgebed uit het formulier volgt de normale afsluiting van de dienst.

Trouwdiensten
Het trouwen geschiedt na de middagdienst, en net als de bediening van de Doop, in aanwezigheid van de gemeente. Ook hiervan is de gemeente in twee voorafgaande zondagen op gebruikelijke wijze in kennis gesteld. Trouwen en dopen wordt door die predikant gedaan die de voorafgaande dienst niet hoefde leiden. De trouwplechtigheid wordt door de voorlezing van het formulier voltrokken, waarbij de in het formulier voorkomende vermaningen en vragen ter beantwoording op bijzonder indringende wijze voorgehouden worden.
Als het echtpaar elkaar de hand geeft, wordt de volgende zegen uitgesproken: "De Vader der barmhartigheid, Die u door Zijn genade tot deze heilige staat van het huwelijk geroepen heeft, verbinde u met rechte liefde en trouw en geve u Zijn zegen. Amen". De volgende gedeelten van het formulier zoals hetgeen staat in Matth. 19, een gebed, en de belofte van God in de 128e Psalm: "Welgelukzalig is een ieder die de Heere vreest", vormen het besluit van de plechtigheid, waarop nog gezongen en de gemeente met de zegen des Heeren weggezonden wordt. Het bruiloftsfeest thuis wordt in de regel niet op de trouwdag, maar eerder of later gehouden.

Verkiezingen
De kerkenraad bestond ten tijde van de vestiging van de gemeente onder voorzitting van de predikant uit drie ouderlingen en drie diakenen. Al spoedig werd een uitbreiding noodzakelijk, zodat een vierde ouderling, en later een vierde, vijfde en zesde diaken gekozen werden. De verkiezing wordt op tweede Kerstdag 's avonds in de kerk gehouden. Hiervoor worden de mannelijke lidmaten van 20 jaar en ouder op de voorafgaande zondag uitgenodigd. Daarbij wordt hen op het hart gedrukt dat zij díe mannen op het oog zullen hebben, die door een goed getuigenis en overeenkomstige levenshouding in staat zullen zijn, de vereisten, die met het ambt verbonden zijn, na te komen. Ieder jaar worden twee ouderlingen en drie diakenen verkozen. Zij die vertrekken, zijn datzelfde jaar niet herkiesbaar. Als een herverkiezing toch noodzakelijk wordt geacht, dan beslist de gemeente daarover. De verkozen broeders blijven twee jaar in het ambt.
De verkiezingsbijeenkomst wordt door de predikant geleid in samenwerking met de kerkenraad. Het gebed bij de aanvang en het slot van de vergadering sluit aan bij toespraak en de opgegeven liederen. De verkiezing geschiedt door middel van stembriefjes, die door de kerkenraad verzameld worden. Een ouderling telt de stemmen, waarop de uitslag van de verkiezing aan de gemeente wordt meegedeeld. De verkozen broeders worden door de predikant uitgenodigd naar voren te komen, (afwezigen worden door een afvaardiging in kennis gesteld en hun verschijning in de vergadering afgewacht) en gevraagd, of zij vastbesloten zijn het van God en Zijn gemeente opgedragen ambt in de vreze Gods aan te nemen? Bij een bevestigend antwoord worden zij door een handslag uitgenodigd, op nieuwjaarsdag op de voor hen bestemde kerkenraadzetels plaats te nemen, om door de gemeente in het ambt bevestigd te worden. De notulen van deze bijeenkomst wordt behalve de gewone ondertekeningen van de kerkenraadsleden ook nog voorzien van die van zes gemeenteleden.

De kerkenraad
De gewone zittingen van de kerkenraad worden in de regel op de tweede dinsdag in de maand gehouden en evenals de buitengewone door de predikant voorgezeten of, ingeval van diens afwezigheid, door de ouderling-kerkvoogd of eventueel door een andere ouderling bijeengeroepen. De hulpprediker heeft plaats en stemrecht in de vergadering. De zittingen worden met gebed geopend. In de eerste zitting van het jaar begroet de voorzitter de nieuwe kerkenraadsleden en neemt afscheid van de afgetreden leden. Daarna worden voor de komende twee jaar gekozen: de kerkvoogd uit de ouderlingen, de boekhouder / kassier van de diaconie uit de diakenen en de scriba, voor zover diegenen, die tot op heden de ambten vervuld hebben, tot de aftredenden behoren. De besluiten worden door meerderheid van stemmen genomen.
Bij beslissingen van belangrijke zaken zoals:
a. het beroepen van een predikant of hulpprediker,
b. aankoop of verkoop van onroerende goederen,
c. verschaffing van de benodigde aankoopsommen, en
d. in geval van buitengewone besteding van gemeentegelden
worden de stemgerechtigde lidmaten van de gemeente bijeengeroepen en om hun toestemming gevraagd. De algemene plichten van de ouderlingen en diakenen zijn te vinden in het "Formulier voor de bevestiging van Ouderlingen en Diakenen".

Op de kerkvoogd rust bijzonder de taak, het beheer van het vermogen van de gemeente. Hij levert zijn aandeel bij inrichting en aankopen van enige waarde voor de kerk, het kerkhof en verdere gebouwen, bij schulddelging van kapitalen enz, eigenlijk bij alle aangelegenheden van algemene aard. Hij legt in de eerste zitting van het jaar de boeken ter controle voor en wel het rekeningboek over alle inkomsten en uitgaven van het afgelopen jaar van de kerk en andere aangelegenheden, en het boek over het beheer van de begraafplaats.
Na onderzoek van de rekeningen wordt hem door de voorzitter de goedkeuring verleend, onder dankzegging voor alle bemoeienissen. De boekhouder / kassier van de diaconie legt op gelijke wijze als de kerkvoogd op deze zitting de afsluiting van zijn boekjaar voor en brengt verslag uit over de diverse onderdelen.

De ouderlingen hebben verzoeken om opname in de gemeente zorgvuldig te onderzoeken, welke gronden de aanvrager voor zijn verzoek heeft en daaraanvolgend hun een voorstel te doen; zij hebben niet alleen te onderzoeken of zij geestelijke behoefte aantreffen, maar ook - om de gemeente niet boven haar krachten te bezwaren - zich ervan te overtuigen of deze personen het er eigenlijk niet om te doen is dadelijk aanspraak te willen maken op de middelen van de diaconie. Om deze reden moet men er op letten, zoveel mogelijk te vermijden, dat bij de verzoeken onzuivere motieven meespelen.
De gewone zittingen van de diakenen vinden aan het einde van elke maand plaats onder voorzitting van de predikant of eventueel de hulpprediker. De uitgaven en bijzondere inkomsten worden aangegeven en door de boekhouder geboekt. De aanvragen om steun worden beoordeeld en er wordt daarover een besluit genomen. Het voornaamste werk tijdens deze zittingen is de ontvangst van de zondagse collectes die door de diakenen aan uitgangen van de kerk gehouden worden, welke naast de vrijwillige bijdragen, de belangrijkste bron van inkomsten zijn om de diaconale uitgaven te kunnen doen.