Terug naar Ecclesianet.nl

Théodore de Bèze en de Hervormde Kerk in Frankrijk

I Een korte levensschets
Wij beginnen met een korte schets van het leven van Théodore de Bèze (1519 - 1605). Hij werd 24 juni 1519 geboren te Vézelay, uit een oud adellijk Bourgondisch geslacht. Drie jaar oud werd hij toevertrouwd aan zijn oom Nicole de Bèze, raadsheer en procureur van het parlement in Parijs. Zijn kinderjaren bracht hij door in het Quartier Latin waar zijn oom woonde. Hij was nog geen 10 jaar toen hij in december 1528 door zijn oom werd ondergebracht bij de Duitse humanist Melchior Wolmar te Orléans; een bijzondere leraar en pedagoog, die hem de Griekse en Latijnse klassieken en eveneens de evangelische opvattingen bijbrengt. Zo is Beza al vroeg bekend geworden met de geest en gedachtewereld van de Reformatie. En het was voor de jonge Beza een hevig verdriet toen Wolmar in mei 1535 het verstandig achtte om Bourges, waar zij sinds 1530 woonden, te verlaten en terug te keren naar Tübingen.

Sinds de affaire van de Placards (1534)1 zijn velen verdacht en vervolgd. Beza moet op gezag van zijn vader afzien van zijn wens om met Wolmar mee te gaan. Zeer literair begaafd is Beza reeds jong een uitmuntende dichter in het Latijn. Hij leidt aanvankelijk enkele jaren te Parijs (1539-1548) een bestaan waarin hij zich geheel toewijdt aan de literatuur: hij geeft zijn fameuze gedichtenbundel uit waarmee hij zijn naam als een groot dichter vestigt. Door een ernstige ziekte, en de dreiging van de dood, komt hij er toe zich openlijk geheel aan de Hervorming te wijden. Veroordeeld door het parlement van Parijs, vlucht hij naar Genève (1548), waar hij door Calvijn wordt ontvangen. Calvijn begrijpt dat de overgang van een voornaam en rijk begaafd man als Beza een godsgeschenk is voor de Reformatie. Beza vestigt zich eerst te Lausanne, waar hij hoogleraar wordt in het Grieks aan de juist opgerichte academie. Hij is er rector van 1552 tot 1554. Zijn kwaliteiten als theoloog, exegeet, polemicus, en ook als diplomaat worden snel duidelijk en maken van hem de meest naaste collega van Calvijn bij wie hij zich zal voegen in 1558. Beza blijft nu te Genève, eerst naast Calvijn, daarna staat hij alleen aan het stuur, en de kerk en de stad van Genève zijn gezegend met zijn veelvuldige diensten.

De veelzijdigheid van zijn gaven en activiteiten is exceptioneel. Op het literaire vlak, krijgt zijn talentvolle Franse berijming van de Psalmen – regelrecht uit het Hebreeuws – een zeer hoge vlucht. Hij ontvangt toestemming voor de druk van de Franse koning. Op de titelpagina prijkt: Privilège du Roi. Voor de druk sloot Beza een contract met de Geneefse drukker Antoine Vincent. Deze eerste druk omvatte 50.000 exemplaren, maar na enkele jaren waren er 45 drukkerijen bij deze uitgave van de berijmde Psalmen betrokken. Het groeide uit tot de grootste druktechnische onderneming van de 16e eeuw. De psalmen werden zelfs gezongen aan het hof in Parijs in de omgeving van Catherina de Médicis. Als theoloog verdedigt hij de leer van de verkiezing van Calvijn. Zijn levenswerk is intussen zijn editie van de Griekse tekst van het Nieuwe Testament. Hij beheerste het vak om de Griekse handschriften te vergelijken en gedurende zijn lange leven hield hij zich continu bezig om zijn aantekeningen te verfijnen, die meer nog dan filologische en tekstkritische opmerkingen, echte commentaren vormen die de gereformeerde dogmatiek in de 17e eeuw hebben verrijkt en daaraan ten grondslag liggen. Er zijn gedurende zijn leven telkens verbeterde Griekse tekstuitgaven van het Nieuwe Testament verschenen. Er zijn sindsdien tot op 1963 meer dan 150 heruitgaven gepubliceerd. Hij bezat zelf een zeer oud Grieks handschrift van het Nieuwe Testament, de beroemde Codex Bezae, die nu bewaard wordt in Cambridge. Vervolgens: Beza stelt een eigen geloofsbelijdenis op, met de bedoeling zijn vader die rooms gebleven was, aan te tonen dat zijn zoon niet goddeloos of ketters was. Die confessie is meer dan 35 maal in bijna alle Europese talen gedrukt en zij heeft doorgewerkt in de confessio gallicana en de confessio belgica, zowel in de Franse als in de Nederlandse geloofsbelijdenis.

De carrière van Beza vertoont daarnaast een belangrijk diplomatiek aspect. Hij werd drie maal naar de Duitse vorsten gestuurd om een toenadering tot de Lutheranen tot stand te brengen. Beza is de woordvoerder van de Protestanten op het godsdienstgesprek van Poissy in 1561. Hij houdt de beroemde rede, waarin hij met zijn bijzondere welsprekendheid het hervormde geloof verdedigt en met zo’n overtuigende meeslepende zekerheid, dat hij de meerderheid achter zich krijgt. Zijn rede werd onmiddellijk in vele drukken verspreid. Hoewel het godsdienstgesprek mislukt, blijft Beza in Frankrijk en, vertrouwd als hij was met de hoge Protestantse adel, werd hij nu de raadsman van prins Louis de Condé en van de koningin van Navarre, Jeanne d’Albret. Dat is hij tot zijn dood ook gebleven van haar zoon, de Franse koning Hendrik IV.

Nadat Calvijn betrekkelijk jong is overleden in 1564 zet Beza diens werk voort in en vanuit Genève. Hij waakt er voor dat de kerkelijke ordonnanties goed worden toegepast en de regels voor de leer- en levenstucht nageleefd. Hij wijdt veel van zijn krachten aan de universiteit waarvoor hij als rector vele goede hoogleraren weet aan te trekken. Dankzij Beza blijft de invloed vanuit Genève enorm en die is belangrijk voor het bewaren van de eenheid van de Reformatie. Hij strijdt tegen de congregationalistische ideeën die rondgaan in Frankrijk en hij is praeses of moderator van verschillende synoden zoals die van La Rochelle in 1571. Het bloedbad van de Bartholomeüsnacht in Parijs (24 augustus 1572) doet de Hugenoten elk vertrouwen verliezen in het Franse koningshuis, dat direct en indirect verantwoordelijk is voor het uitmoorden van de onderdanen. Beza publiceert dan zijn beroemd geschrift over het Recht van de Magistraten, waarin hij het recht van de lagere overheden om zich te verzetten tegen de tirannie uitwerkt. De eerste aanzet daartoe heeft Calvijn gegeven in de laatste zinnen van zijn Institutie.

Tegelijkertijd voert Beza onvermoeid strijd tegen de oude en moderne ketterijen, hij steunt de Duitse hervormden tegen de ultra-lutheranen, die telkens opnieuw hardnekkig hun avondmaalsopvattingen opdringen. Hij verdedigt de rechte en bijbelse leer van de Reformatie samen met zijn collega’s in Bazel en Zürich, vooral met Heinrich Bullinger. Beza blijft tot zijn overlijden in 1605 een centrale figuur die hoog geacht wordt in Genève en door de Hervormden in heel Europa. U ziet: Beza was een formidabele reformator met een zeer veelzijdige begaafdheid. Het grote Beza-boek dat binnenkort zal verschijnen en dus helaas vandaag nog niet getoond kan worden, geeft een inzicht in de grote betekenis die Théodore de Bèze gehad heeft voor de consolidatie en doorwerking van de Reformatie.

(….)

Dit is een klein gedeelte van de lezing van prof. W. Balke
Meer van dit artikel kunt u lezen als u zich aanmeldt als lid.
Meld u aan via de website en u krijgt alle reeds verschenen nummers van 2012 thuisgestuurd! Daarmee ondersteunt u ook ons blad.