Terug naar Ecclesianet.nl

Bewustzijn en de visie op de werkelijkheid

Bewustzijn

Wij kennen de uitdrukking dat een mens een product is van zijn opvoeding. Dat wil zeggen dat iemand zich bewust of onbewust de normen en waarden van zijn of haar samenleving eigen maakt. In de sociologie wordt dit socialisatie genoemd. Ons bewustzijn, waaronder de visie op de werkelijkheid en ons gedrag worden hierdoor mede bepaald. Onder bewustzijn wordt wel verstaan: 1. hetgeen men hoort en ziet vanuit de buitenwereld en erover kunnen vertellen en 2. weten wat er in jezelf omgaat. 

Geweten

Daarnaast heeft de opvoeding invloed op de vorming van het geweten. Het geweten is een innerlijk besef van goed en kwaad. We kennen de uitdrukkingen van: 1. een ruim geweten, wat betekent het niet zo nauw te nemen met bijvoorbeeld de moraal en 2. handelen tegen zijn geweten in, bijvoorbeeld acties die de geloofsovertuiging niet toestaan. Het geweten heeft dus ook invloed op het menselijk handelen en het gedrag. In de column van de psychiater Bram Bakker in het AD van 20 maart 2010, staat een artikel met als titel “Gewetenloze opvoeding”. In dit artikel wordt de vraag gesteld: Is het geweten aangeleerd of aangeboren? Bakker begint met de visie van Sigmund Freud, die beweerde dat het geweten ontstaat als een kind zich o.a. de sociale normen van de ouders en de samenleving eigen maakt. Als het goed is dan worden de normen en waarden, waarmee mensen zich in hun gedrag rekening houden, vanzelfsprekend. Bijvoorbeeld wanneer men zich onder bepaalde omstandigheden beheerst in plaats van te gaan schreeuwen.

Volgens Bakker is er naast deze denkwijze de laatste tijd een andere manier van kijken naar het gedrag ontwikkeld. Het gedrag wordt hierbij eerst gezien als een functie van de hersenen. Emoties zoals boosheid kunnen zich uiten door schreeuwen of slaan, maar zij kunnen ook worden onderdrukt. Bij deze benadering ligt het accent van het geweten dan meer op het remmen van impulsen. Als mensen geen rekening meer houden met de bestaande waarden en normen en hun emoties niet in bedwang kunnen houden, is er sprake van een (persoonlijkheids)stoornis. Hiervoor bestaat nog geen doeltreffende behandeling. Bakker noemt dit een tekort aan geweten, wat waarschijnlijk het resultaat is van een gebrek aan een goede opvoeding. Het gevolg is dan dat er schade ontstaat aan bepaalde hersendelen. Het komt er dus op neer dat wanneer mensen volwassen worden zonder dat zich een gezond geweten kan ontwikkelen, hier  later weinig meer aan te doen is. Dit verklaart dat gevangenen, zelfs wanneer ze weten dat de wet iets verbiedt, het hen vaak niet lukt om zich aan het verbod te houden. Een goede opvoeding is dus onontbeerlijk om een gezonde psyche te laten ontwikkelen.

Gevolgen

Uit deze visie kan afgeleid worden, dat, wanneer programmering en training van de hersenen van mensen in de opvoedingsfase onvoldoende is, de samenleving hiervan later de rekening gepresenteerd krijgt.

Tevens kan men zich aan de hand van het voorgaande de vraag stellen, wat het gevolg is, wanneer mensen niet (meer) in een vroege levensfase het besef van God en eeuwig leven bijgebracht worden en er mee worden opgevoed? Hierdoor kan wellicht een spiritueel tekort ontstaan, wat later in hun leven nog moeilijk te herprogrammeren en te herstellen valt. Voor de kerk ligt hier nog een te ontginnen gebied. Zeker wanneer het bewustzijn en de godsdienst slechts een hersenfunctie zouden zijn, zoals materialistische wetenschappers beweren. Een voorbeeld hiervan geeft de Amerikaanse filosoof Daniël Dennet in zijn boek Het Bewustzijn verklaard (1995).

Een alles omvattend bewustzijn

Al ver in het verleden waren de mensen ervan overtuigd dat er een werkelijkheid bestond die voor ons met het gewone dagelijkse bewustzijn niet direct waar te nemen is. Deze werelden zouden ook niet-natuurwetenschappelijk meetbaar zijn. Ze zijn slechts indirect waarneembaar en bestaan uit oneindig geestelijke gebieden zonder ruimte en tijd en zijn voor ons verborgen. De vraag is hoe worden deze werelden dan wel waargenomen?

Volgens wetenschappelijke onderzoekers bestaat er naast het bovenstaand genoemde gewone dagelijkse bewustzijn nog een ander bewustzijn. Dit bewustzijn kan optreden wanneer de hersenen een korte tijd uitgeschakeld zijn zoals bij bijna dood ervaringen (BDE) en tijdens enorme spanningen. Dr. Pim van Lommel, 2007, noemt dit het eindeloos bewustzijn. In deze toestand ervaren mensen dat zij zich bevinden in een tijdloze oneindige geestelijke ruimte.

Voorbeelden van onderzoeken

Toen hun hersenactiviteit tijdelijk uitgeschakeld was bleek, dat mensen in staat waren, zonder hun dagelijkse bewustzijn nauwkeurig waar te nemen. Hiervan getuigt het 30-jarige onderzoek van de Amerikaanse dr. P. H. Atwater. Zij maakte ook meerdere malen dergelijke ervaringen mee. De psychologen dr. Kenneth Ring en dr. Sharon Cooper in 2001, vonden dergelijke resultaten bij mensen die heel hun leven blind waren geweest. In zijn boek Evidence of Afterlife (bewijs van het hiernamaals), februari 2010, beschrijft de radioloog dr. Jeffrey Long zijn onderzoeksresultaten van  280 mensen die genoemde ervaringen hadden. Zijn conclusie is dat het hiernamaals echt bestaat en hij is graag bereid om met tegenstanders hierover in debat te gaan. Momenteel is er een grootschalig internationaal wetenschappelijk onderzoek aan de gang naar de bewijsbaarheid van het bestaan van een niet-dagelijks bewustzijn. Dit is het AWARE-onderzoek dat wordt geleid door de wereldberoemde expert op dit gebied  dr. Sam Parnia en andere professoren van de universiteit van Southampton in Engeland.

Kritiek en weerlegging

Uiteraard is er felle kritiek van sceptische wetenschappers, die beweren dat deze ervaringen het resultaat zijn van gebrek aan zuurstof in de hersenen en hallucinaties en dat zij een eindproduct zijn van de hersenen. Dit in tegenstelling tot wat wetenschappers beweren, dat elk mens deel uitmaakt van een groter geestelijk bewustzijn. Zij weerleggen deze kritiek omdat tijdens de BDE’s de gemeten hersenactiviteit nul was en dat de hersenen tijdelijk niet functioneerden. Dit zou een sterke aanwijzing zijn dat dit niet-aardse bewustzijn bestaat.

Afsluitend

Als het AWARE onderzoek in 2011, volgens dr. Sam Parnia, zou bevestigen dat de menselijke geest kan doorgaan met functioneren als de hersenactiviteiten stoppen, dan heeft dit gevolgen voor de mensheid. Tevens zal dat een revolutie betekenen in het wetenschappelijk denken en een nieuw nog niet ontdekt gebied van wetenschap openleggen. Dit zou overeenkomen met wat de religies al eeuwenlang beweren dat het leven doorgaat in een andere dimensie. De vraag hieruit is: Zijn dit geen aanwijzingen dat de mens naast zijn lichaam een onsterfelijke ziel heeft. Zou het niet verstandig zijn met deze mogelijkheid rekening te houden in plaats van zich te laten misleiden dat God niet bestaat. Aan u de beslissing hierover eens na te denken.

Dr. H. Dubbelman