Terug naar Ecclesianet.nl

En nu? De verkiezingen en daarna

In deze korte bijdrage wil ik de lezers van “Ecclesia” enkele gedachten en opmerkingen doorgeven naar aanleiding van de verkiezingen van de 9e juni.

1. De verkiezingsstrijd is met ongewone felheid gevoerd. Het was meestal weinig verheffend en een slecht voorbeeld voor het volk wanneer het erom gaat hoe je met elkaar omgaat.

2. De macht van de media is groot, en de media zijn bijna geheel in politiek linkse handen. Er gaat dus een enorme beïnvloeding van uit. Er wordt al wel van ‘telecratie’ gesproken in plaats van ‘democratie’.

3. De democratie (‘volksregering’) is een sterk uitgehold gegeven. Het gevaar dreigt dat zij overgaat in een heerschappij van de massa, een ‘ochlocratie’.

4. De kiezers blijken steeds minder ‘hun’ partij te hebben, waaraan zij trouw zijn. Daarbij spelen beginselen’ geen rol (meer), maar wordt de keuze beheerst door opportunisme. Te voorzien is dat dit verschijnsel in de toekomst verder zal toenemen.

5. Een alles overheersende nadruk werd en wordt gelegd op de kunst van het debatteren. Een ‘aantrekkelijke’ verschijning die de kunst van het debat verstaat,is echter nog geen enkele garantie een bekwaam regeerder te zijn.

6. In de debatten ging het bijna altijd over financieele conomische onderwerpen (aftrek van de hypotheekrente, terugdringen van het begrotingstekort, de AOW-leeftijd). Van christelijke kant werden, althans volgens mijn waarneming, geen ‘eigen’ onderwerpen aan de orde gesteld. Daarbij valt te denken aan de verhouding van grondrechten als ‘vrijheid’ en ‘gelijkheid’, de vrijheid van onderwijs, het van eigen rechte zijn van de kerk, ‘het milieu’.

7. Ook datgene waarvoor de PVV in het bijzonder is opgericht, alles wat samenhangt met de multiculturele samenleving is nauwelijks aan de orde geweest.

8. Waarom is niet eens duidelijk gemaakt wat een partij als D66 onder in haar program heeft betreffende de vragen rond het leven? Zij staat niet alleen een vrijwillige levensbeëindiging voor bij ‘ondraaglijk lijden’, maar ook als men van mening is dat het leven ‘voltooid’ is. Daarbij blijft het niet. Het verkiezingsprogram zegt ook: wanneer een kind, ondanks alle voorafgegane controles gehandicapt geboren wordt, mag het binnen twee uren na de geboorte worden gedood. Het is duidelijk dat die twee uren gemakkelijk kunnen worden opgerekt tot twee dagen, weken of maanden. En waarom niet tot twee jaren?

9. De grote verliezer, het CDA, was door de, door de PvdA slim voorbereide val het kabinet, in een achterstandspositie. Ook al zou men voor de verkiezingen van 2011 een nieuwe lijsttrekker hebben gewild, het was zonder grote morele schade nu onmogelijk de eerste- minister, die op waardige en kundige wijze zijn ambt bekleedde (en demissionair nog bekleedt) aan de kant te schuiven.

10. Het is sinds 1918 niet vertoond dat de confessionele partijen samen minder dan 20% van de Kamerzetels bezetten.

11. Het samenstellen van een kabinet met partijen die elkaar zo in de haren gevlogen zijn zal moeilijk zijn. De deelname daarin van de twee grote winnaars, de VVD en de uit haar voortgekomen PVV met …, zal een herhaling te zien geven van het drama van de LPF in 2003.

12. Te vrezen is dat nu of na een volgende kabinetscrisis een linkse regering met erg progressieve partijen aantreedt, die de vrijheden van kerk, onderwijs en verenging in naam van de ‘gelijkheid’ verder zal afbreken.

13. ‘Gelijkheid’ en ‘vrijheid’ vormden samen met ‘broederschap’ de leus van de revolutie van 1789. Deze

revolutie bracht oneindig veel ongelijkheid, tirannie en haat, leed en dood. Wanneer de tendens zich doorzet de gelijkheid de voorrang te geven op de vrijheid zich doorzet, zal daarvan veel onheil te duchten zijn.

14. Een oud gezegde luidt dat een volk de regering krijgt die het verdient. Wanneer we in onze ontwrichte samenleving rondzien, zijn we geneigd met dit gezegde in te stemmen. Het is zaak dat de christenen wakker zijn en bidden voor volk en overheid, “Vigilante et orate”, dit gebod van Christus (Mattheüs 26) werd de zinspreuk van de provincie Overijssel en geldt ons allen als christenen in Nederland.

15. Laten zij daarbij niet vergeten dat God regeert en alle macht in handen heeft gelegd van de Opgestane Jezus die de Christus is.

 

Ds. L.J. Geluk, Rotterdam